|
|
Elke week geeft het Instituut voor Binnenhuisarchitectuur U enkele woontips! |
© Copyright: Hans Slim/Instituut voor Binnenhuisarchitectuur
DE INVLOED VAN LICHT OP KLEURKleuren worden verdeeld in warme tinten, zoals: de gele,
de rode en de koude tinten, zoals: de groene, de blauwe en
een aparte groep vormen: aarde- of natuurtinten. De koele tinten, zoals: groen en blauw wijken terug van het oog en kunnen goed gebruikt worden voor kleinere vertrekken, lichte kleuren hebben hetzelfde effect. Natuurkleuren staan synoniem met neutraal. Ze hebben dan op z'n minst twee accentkleuren nodig. Ze gaan minder gauw vervelen dan trendy kleuren en zijn dan ook heel geschikt voor aankopen, die wat langer meemoeten. Ze geven een warme huiselijke sfeer.
Donkere kleuren hoeven niet altijd negatief over te
komen, net zo min als lichte kleuren altijd positief zouden
overkomen. Groen
De kleur komt niet naar voren, zoals rood, maar wijkt ook niet terug zoals blauw. Bovendien wordt het vlak niet overstraald, zoals bij geel. Geelgroen lijkt bij kunstlicht veel groener dan overdag, dat kan je dus parten spelen. Naarmate groen meer naar blauw neigt wordt het koeler. Groennuances laten zich in een interieur zeer goed samenvoegen met natuurlijke materialen, zoals baksteen, parket en dergelijke. Een kleur met weinig risiko's. Volgende week: Bruin. |