Elke week geeft het Instituut voor Binnenhuisarchitectuur U enkele woontips!

Log regelmatig in voor de publicatie van de volgende tips !!

© Copyright: Hans Slim/Instituut voor Binnenhuisarchitectuur

 

HET KLEURENPALET

Hoe werkt nu het kleurenpalet?

Laten we eens nagaan, hoe het kleurenpalet, dat de natuur ons biedt, in elkaar zit. Zoals met alles zijn er bouwstenen nodig, waaruit allerlei variaties kunnen worden samengesteld, waarvan weer van alles te maken is. Basisgegevens dus.
Zo is het ook met kleur. Er zijn basis- of primaire kleuren. Dit zijn de bouwstenen van het 'kleurenhuis'.
De basisgegevens, waaruit het kleurenpalet wordt samengesteld:

Kleur kleurt ons leven . . .

 

Primaire kleuren

Dit zijn zeer krachtige kleuren: rood, geel en blauw. Dit zijn de enige kleuren, die niet door menging van andere kleuren samengesteld kunnen worden. Dat is het verschil met secundaire kleuren. Gebruik deze kleuren wel in dezelfde kleurhoogte, wat over het algemeen niet eenvoudig zal zijn. Vaak zijn deze kleuren vermengd met zwart, wit of een andere kleur. De kracht verdwijnt dan.

Secundaire kleuren

Een secundaire kleur is bijvoorbeeld oranje, dat ontstaat door menging van rood en geel, of groen, dat zijn bestaan dankt aan de menging van blauw met geel. Of violet, de menging van/en overgang tussen rood en blauw. Tussen dat rood en oranje ligt een wereld van schakeringen. Het ligt er maar aan, hoeveel rood en geel er gemengd wordt. Tussen dat blauw en groen ligt weer een andere nuanceringswereld: afhankelijk van, hoeveel blauw en geel gemengd wordt. Zo is het ook met violet: het komt aan op de verhouding van beide componenten.

Complementaire kleuren

Het gaat hier om kleuren, die elkaar aanvullen (technisch gesproken: kleuren, die bij menging in de juiste verhouding, zwart opleveren). Om een paar voorbeelden te noemen: groen en rood vormen een complementair koppeltje (contrastkleur). Zo is het ook met geel en paars, blauw en oranje. Als er met twee complementaire kleuren wordt gewerkt, ontstaan boeiende kleurharmonieën. Dit samengaan van twee complementaire kleuren geeft een effekt van uiterste spanning.

Chromatische en achromatische kleuren

Dat lijkt allemaal erg moeilijk.

De betekenis is simpel: chromatische kleuren zijn kleuren met een kleurtoon. Achromatische kleuren zijn kleuren zonder kleurtoon zoals wit, grijs en zwart.

Kleurtoon wil zeggen: de eigenschap van kleur, waaraan ze haar naam ontleent. U las reeds over de kleuren wit, zwart en grijs. Eigenlijk zijn het niet-kleuren. Dit drietal niet-kleuren speelt een belangrijke rol bij de grijsmengingen, de grijswaarde en de kleurwaarde van een kleur. Kijk maar eens naar rood, waaraan wit wordt toegevoegd: het wordt rose. Naarmate er meer wit wordt toegevoegd wordt het rose lichter en lichter. De kleurtoon verandert. Maar neem nu eens hetzelfde rood en voeg er zwart aan toe. Dan wordt de kleur -naarmate er meer zwart wordt toegevoegd- donkerder.
Wordt de basiskleur puur genomen en wordt er niets aan toegevoegd, met andere woorden: honderd procent van één kleur, dan wordt het begrip verzadiging gebruikt.

Oranje

Oranje ontstaat uit rood en geel en verenigt de eigenschap van beiden op een plezierige manier.
Het is een warme, zonnige kleur, zonder de agressiviteit van rood en ook zonder de contouren-vervagende eigenschap van geel. Het is een opwekkende, stimulerende kleur, die de ademhaling zou bevorderen (denk aan de reacties bij het publiek, als men het Nederlandse elftal in belangrijke wedstrijden ziet spelen).
In combinatie met geel, zacht geelgroen: zeer zonnig. In combinatie met bruin: een rustige vriendelijke kleur, denk maar eens aan herfsttinten.

In combinatie met bruin: een rustige vriendelijke kleur, denk maar eens aan herfsttinten.


© Copyright: Hans Slim/Instituut voor Binnenhuisarchitectuur